1. Home /
  2. Over ons /
  3. Nieuws /
  4. Look through moet beslist verder...

Look through moet beslist verder ontwikkeld worden

Look through levert daadwerkelijk additionele transparantie op in de assets en risico’s van pensioenfondsen. Of is het een extra administratieve last waarvan de kosten niet opwegen tegen het beoogde doel?

De meningen bleken verdeeld tijdens onze recente Ronde Tafels over het FTK en look through.

16 okt 2016

Deel op  

Ook voor DNB is look through nog een zoektocht naar wat allemaal mogelijk is met de ‘big data’ die nu binnenstromen.

Het Financieel Toetsingskader (FTK) besteedt ruim aandacht aan de risico’s van pensioenfondsen. In dat verband moeten de achterliggende assets en risico’s van beleggingen in beleggingsfondsen worden gerapporteerd via een verplichte ‘look through’-rapportage. Dat is geen sinecure.

Het aantal in te vullen velden voor de FTK rapportage is bijvoorbeeld gestegen van 400 naar 1200. Helaas ontbreekt het aan een formulier waarmee beleggingsfondsen en vermogensbeheerders op een gestandaardiseerde manier automatisch de gevraagde look through gegevens kunnen opleveren. Bovendien is onduidelijk wat toezichthouder De Nederlandsche Bank (DNB) nu precies wil weten. Wat is een “betekenisvolle verscherping van de beleggingsrisico's”, zoals in de toelichtende brief staat? Gevolg: spraakverwarring en een oceaan aan data die op vele manieren geïnterpreteerd kunnen worden.

Tevreden met look through
Niettemin toonden de deelnemers aan de twee Ronde Tafels over look through zich over het algemeen tevreden met look through. Vermogensbeheerders leveren de gevraagde data steeds sneller aan en met veel minder fouten. Maar er is nog volop ruimte voor verbetering.

  • Pensioenfondsen zouden hun vermogensbeheerders contractueel kunnen verplichten om hun look through data tijdig en volledig aan te leveren.
  • Omgekeerd moeten pensioenfondsen aan hun vermogensbeheerders duidelijke richtlijnen meegeven waar de data aan moeten voldoen, liefst in een vast format.
  • Custodians zouden onderling kunnen samenwerken om tot één gestandaardiseerd format voor look through data te komen. Vermogensbeheerders worden namelijk door meer dan één custodian om look through data gevraagd. Het FTK is echter een specifiek Nederlandse aangelegenheid waar veel buitenlandse vermogensbeheerders niet goed raad mee weten.
  • Het format voor het uitvragen van data voor van Solvency II zou hier uitkomst kunnen bieden. KAS BANK werkt ondertussen aan een Operational Guide voor vermogensbeheerders hoe zij de benodigde look through data moeten aanleveren aan KAS BANK.

Hoever moet/kun je gaan
Volgens DNB zijn bestuurders altijd verantwoordelijk voor (de uitvoering van) het beleggingsbeleid en het vaststellen van een risicoprofiel dat past bij de doelen en uitgangspunten van het fonds. Look through data zijn daarbij onmisbaar, vooral als het gaat om het beoordelen van de risicoconcentratie. DNB omschrijft look through dan ook als ‘kennen van de achterliggende exposures met bijbehorende rendementen en risico’s’.

Diepgaande kennis en een juiste waardering van alle assets waarin het pensioenfonds belegt, kan het bestuur helpen bij het beter inschatten van de (achterliggende) risico’s. Het is echter aan de pensioenfondsen zelf om te bepalen tot op welk niveau data worden verzameld, geanalyseerd en intern gedeeld. Daarbij ligt het gevaar van informatiestress altijd op de loer. Te veel informatie kan verblindend en verlammend werken bij het nemen van beslissingen. Pensioenfondsen doen er daarom goed aan duidelijk aan te geven tot op welk niveau welke gremia van het fonds geïnformeerd moeten worden.

Look through levert toegevoegde waarde
Look through is echter zeker niet alleen een verplichting, maar vooral ook een kans. De toegevoegde waarde zit in het voortdurend toetsen (en zo nodig herijken) van de investment beliefs en het identificeren van nog niet geadresseerde risico’s in de beleggingsportefeuille. Het maakt voor pensioenfondsen de exposure, het rendement en de risico’s zichtbaar. Onbekende posities met nog niet onderkende risico’s worden geïdentificeerd. Dat geeft een pensioenfonds de juiste handvatten om het risicomanagementbeleid zodanig te sturen dat de risico’s binnen de afgesproken kaders blijven.