1. Home /
  2. Over ons /
  3. Events /
  4. Kennissessies inspireren tot dialoog...

Kennissessies inspireren tot dialoog

Voorafgaand aan onze Nieuwjaarsreceptie in Muziekgebouw 't IJ in Amsterdam discussieërde een keur aan specialisten over vier actuele onderwerpen in de financiële sector: het Algemeen Pensioenfonds, Liquiditeitenmanagement, Unbundling & Orderexecutie en ESG factoren & verantwoord beleggen. Door de uitwisseling van praktijkervaringen werden de Kennissessies als zeer nuttig ervaren.

21 jan 2016

Deel op  

Hoofdpunten

  • Bedrijfstakpensioenfondsen zullen niet snel op een APF-structuur overgaan.
  • Om volledig van het clearen van derivaten te kunnen profiteren is een optimale inrichting van het collateral- en liquiditeitenmanagement vereist.
  • MiFID II biedt veel handvatten om de uitvoeringskosten van dienstverleners in de transactieketen helder te krijgen.
  • Via ESG screening en ‘look through’ kunnen institutionele beleggers hun ESG beleid onafhankelijk laten monitoren.
Het Algemeen Pensioenfonds is geen wondermiddel

Het Algemeen Pensioenfonds is geen wondermiddel

Moderators Larissa Gabriëlse (KAS BANK) en Angelique Joosen (PwC) de deelnemers drie stellingen voor.

  • Is het APF de nieuwe pensioenuitvoerder van de toekomst?
    Vrij algemeen zagen de deelnemers het APF nog niet als het ‘wondermiddel’ waar politiek Den Haag op hoopt. Eén deelnemer merkte op dat het APF misschien wel een oplossing is met een mooie toekomst achter zich. De trend in pensioenland is immers richting Defined Contribution, terwijl veel APF initiatieven nog gericht zijn op de instandhouding en uitvoering van Defined Benefit regelingen.
  • Het APF is winst voor de deelnemer; een ‘simpeler’ en beter pensioenresultaat!
    Vrijwel alle deelnemers spraken hier hun twijfels over uit. Joosen wees erop dat de kosten voor de deelnemers weliswaar lager worden, maar dat de zekerheid ook anders wordt. Want in tegenstelling tot bijvoorbeeld verzekeraars kan de APF wel degelijk korten op de toegezegde uitkering. De vraag is of dit wel voldoende voor het voetlicht wordt gebracht in de communicatie naar de deelnemers toe.
  • Een APF moet ook mogelijk zijn voor verplicht gestelde bedrijfstakpensioenfondsen.
    Opnieuw overheerste scepsis. Deelname aan een APF werd veelal als een opstap naar samensmelting van verschillende pensioenfondsen gezien. Aangezien de sociale partners graag hun invloed/zeggenschap willen behouden, was de verwachting dat bedrijfstakpensioenfondsen niet op een APF-structuur zullen overgaan.
Is liquiditeitenmanagement onmisbaar bij de clearing van derivaten?

Is liquiditeitenmanagement onmisbaar bij de clearing van derivaten?

De deelnemers gingen aan de hand van quizvragen met elkaar in gesprek over de uitdagingen rond clearing, collateral management en liquiditeit. Al snel bleek dat vaak meerdere antwoorden mogelijk zijn, afhankelijk van de specifieke interpretatie of situatie. Zo moeten pensioenfondsen volgens de huidige EMIR regelgeving vanaf augustus 2017 gaan clearen. Maar de Europese Commissie kan nog 1 jaar uitstel verlenen tot 2018. Sommige deelnemers achtten het zelfs denkbaar dat pensioenfondsen helemaal zullen worden uitgesloten van de clearing-verplichting. Cash margining leidt voor voor pensioenfondsen namelijk tot (te) grote uitdagingen.

Voor (al dan niet vrijwillig) clearen, is collateral- en liquiditeitenmanagement op dagbasis vereist. Maar ook voor bilaterale transacties is er een trend zichtbaar naar collateral management op basis van cash. In beide gevallen zijn een goede governance en efficiënte operationele processen van groot belang. Is het dan handig om het liquiditeitenmanagement bij de verschillende asset managers te beleggen? Of kan dit beter centraal worden geregeld om onnodige ‘cash drag’ te voorkomen? Welke bronnen van liquiditeit zijn beschikbaar? Wil het pensioenfonds repo’s en securities lending inzetten als bronnen om liquiditeit te genereren? En hoeveel cash moet worden aangehouden?

Hoe dan ook, om volledig van het clearen van derivaten te kunnen profiteren is in ieder geval een optimale inrichting van het collateral- en liquiditeitenmanagement vereist.

Unbundling & Orderexecutie: draagt MiFID II bij aan kostentransparantie?

Unbundling & Orderexecutie: draagt MiFID II bij aan kostentransparantie?

In de nieuwe Europese regelgeving MiFID II gaat veel aandacht uit naar het scheiden (‘unbundling’) van research- en uitvoeringskosten. Een belegger moet voortaan geïnformeerd welke kosten hij waarvoor betaalt. Dit heeft ook consequenties voor de transparantie bij (beurs)transacties. 

Veel deelnemers bleken wel hun eigen kosten te kennen, en vaak ook nog wel de directe kosten van de partij voor of na hem in de keten. Maar vervolgens wordt de keten mistig. Men gaat er in het algemeen van uit dat de provider de kosten wel helder heeft. Verstopte researchkosten zijn echter nog steeds aan de orde van de dag.

Unbundling heeft voor veel partijen impact op hun businessmodel.  ‘Direct market access’ modellen zullen namelijk steeds meer een ‘commodity’ worden tegen zeer lage prijzen. Hierdoor ontstaat een verdringingsmarkt waarin alleen de grootste brokers en investment banken zullen overleven. De overblijvende brokers moeten dan een niche kiezen en hun klanten duidelijk toegevoegde waarde bieden.

Eindbeleggers staan ver van de transactieketen af. Bij wie ligt dan de plicht om licht in het donker te geven? Moet de eindbelegger actiever naar de kosten vragen? Of moet juist degene die dicht bij de transactie zit meer uitleg geven? Het antwoord lag in het midden. MiFID II geeft in ieder geval veel handvatten  om de uitvoeringskosten van dienstverleners in de transactieketen helder te krijgen.

Waar begint en eindigt de verantwoordelijkheid  voor ESG beleid?

Waar begint en eindigt de verantwoordelijkheid voor ESG beleid?

Bij alle partijen in de beleggingsketen bestaat sterke aandacht voor verantwoord beleggen en ESG beleid. Dat levert ook wel dilemma's op.

Is het bijvoorbeeld wel reëel om van een vermogensbeheerder te verwachten dat hij zich met duurzaamheid bezighoudt terwijl hij volgens zijn mandaat een bepaald rendement moet behalen? En waar begint en eindigt  de verantwoordelijkheid van de belegger zelf? Dient hij zich bijvoorbeeld actief in te zetten om de vakbondsrechten van werknemers te waarborgen? Of beperkt zijn rol zich tot 'stemmen met de voeten' door zijn aandelen te verkopen als hij misstanden constateert?

Een ander discussiepunt was het waarborgen van de aandacht voor verantwoord beleggen binnen een organisatie. Richtlijnen zoals de Principles for Responsible Investment zijn eerder kaders voor gedrag dan harde eisen. Via ESG screening en ‘look through’ van de beleggingsportefeuille kunnen institutionele beleggers hun ESG beleid echter prima onafhankelijk laten monitoren. De bijbehorende rapportages vormen dan een goede basis voor de communicatie met alle stakeholders over het verantwoord beleggen beleid van het pensioen- of beleggingsfonds.

Vooral bij kleine of middelgrote fondsen bestaat behoefte aan een actiever beleid op het gebied van verantwoord beleggen. De continuïteit van het fonds zal echter altijd voorop blijven staan. Alleen dan kunnen zij  ook in de toekomst de pensioenuitkeringen veilig blijven stellen.

Fotografie: Jordi Wallenburg

Mark van Weezenbeek

Meer weten over onze Kennissessies?

Mark van Weezenbeek

Managing Director
+31 (0)20 557 5483